|
24. ONGEDIERTE Natuurlijk kan het beste met zaad gestart worden om zo te voorkomen dat ongedierte je tuintje zal aantasten. Ook moet je een plant die buiten is geweest nooit meer binnen halen. Maar zelfs dan is het mogelijk dat beestjes van buiten naar binnen komen, dit is speciaal het geval als je in een tuinhuisje teelt. Hierna zal ik op de diverse beestjes ingaan. VARENROUWMUG Een zwart vliegje, 3 - 5mm. groot en de meest voorkomende plaag in de kweekruimte. Wanneer aanwezig in de kweekruimte, komt dit vliegje meestal in grote aantallen voor omdat de vereisten voor een snelle voortplanting aanwezig zijn (een temperatuur hoger dan 23-24 graden en de aanwezigheid van veel planten). De varenrouwmug leeft 3-4 weken en legt 200-500 eieren in de potgrond of steenwol. Na 2-3 dagen (afhankelijk van de temperatuur) komen de eieren uit en beginnen de larven aan een 2 tot 3 weken durende groeiperiode tot aan de verpopping. De witdoorschijnende larven (volgroeid 5mm) richten directe schade aan door het knagen aan en het doorboren van de wortels en in mindere mate de stengels. Indirecte schade is mogelijk door de verspreiding van aaltjes, schimmelsporen, mijten en virussen. Bovendien vertraagt de groei en leidt het eveneens tot grotere vatbaarheid van de plant voor allerlei plantenziekten. Door de vraatschade aan de wortels/stengels laat de plant de bladeren hangen en kan zelfs volledig verwelken. Als laatste is belangrijk dat vooral jonge planten gevoelig zijn voor de gevolgen van de varenrouwmug. Als je met steenwol werkt kun je de aanwezigheid van deze vliegjes echter enorm beperken door ervoor te zorgen dat je de steenwol waarin je de stekken plaatst niet helemaal nat maakt. Door het bovenlaagje van de steenwol droog te houden zul je nauwelijks last hebben van deze beestjes en hoef je ze ook zeker niet te bestrijden. Ook als je stekken gezond zijn en de omstandigheden voor een optimale groei daar zijn dan zullen de aanwezige vliegjes nauwelijks enige invloed hebben. Als je toch wilt bestrijden dan zijn hier enkele natuurlijke mogelijkheden:
TRIPS Opnieuw gaat hier om zeer kleine beestjes. Je herkent aantasting door trips aan de zilvergrijze spoortjes die ze op de bladeren achterlaten. Natuurlijk kun je de trips bestrijden met zijn natuurlijke vijanden. De aantasting door trips is echter normaal gesproken niet zo ernstig als bijvoorbeeld bij spint. Als je vaststelt dat er trips in de planten zit dan volstaat het om, nadat de besmette oogst is volgroeid en eruit gehaald, de nieuwe planten en de kamer een keertje te spuiten met een middel dat je in ieder tuincentrum kunt kopen. Deze eenvoudige behandeling lost het probleem vaak voor jaren op zonder dat de wiet besmet wordt met een pesticide. De plant heeft immers nog geen toppen en moet nog zo een acht weken bloeien. Als je echter fanatiek tegen de inzet bent van enig bestrijdingsmiddel dan kun je natuurlijk ook de vijanden van de trips inzetten. Op zich is dit ook wel leuk....... al die beesten in je tuintje die elkaar bevechten op leven en dood. Zie hierna wat voorbeelden.
WITTEVLIEG Het is geen vlieg, maar een zogenaamde motluis. Een 1,5 mm groot beestje dat er uitziet als een witbepoederd motje. Zij zet haar eitjes af aan de onderkant van jonge bladeren. De cyclus van ei tot volwassene: 20 tot 35 dagen. Zowel de cyclusduur als de vruchtbaarheid zijn afhankelijk van de temperatuur. De wittevlieg kan zich onder optimale omstandigheden zeer snel vermenigvuldigen (100-250 eitjes/witte vlieg) en eenmaal in de kweekruimte komt hij dan in grote aantallen voor. Zowel als larve, maar ook als volwassen insect leeft de wittevlieg van plantensappen. Dit veroorzaakt zuigschade aan de plant, herkenbaar aan vergeling van de bladeren, maar er is ook indirecte schade. De geproduceerde honingdauw is een ideale voedingsbodem voor schimmels. Bovendien worden de bladeren plakkerig wat de ademhaling en fotosynthese van de planten kan verstoren. Daarnaast is virusoverdracht door de wittevlieg mogelijk. Als er niet tijdig wordt ingegrepen, is de kans groot dat de planten de beschadiging niet overleven. Zie verder de natuurlijke vijanden van de wittevlieg die ingezet kunnen worden bij de bestrijding.
SPINT Dit is de verschrikking van iedere teler. Menige oogst is door deze minuscule beestjes volledig verwoest. Ze zijn maar zo klein als een speldenknopje. Meestal zitten ze aan de onderkant van aangetaste bladeren en ze lopen of heel langzaam of niet. Als je geen goede ogen hebt zie je ze echt niet. Aangetaste bladeren herken je echter direct. Ze worden meer en meer gespikkeld en in een later stadium zullen ze hele toppen inspinnen met een wit web. Het is absoluut noodzakelijk om deze plaag te bestrijden, anders zal de hele oogst verloren gaan. Als je naar de growshop gaat zal deze over het algemeen roofmijten adviseren. Deze natuurlijke vijand van de spint zal dan aan de slag gaan om het aantal beestjes te reduceren. Je zult echter nooit van de spint afkomen. Een ander probleem is ook dat de roofmijt het vaak om de één of andere reden niet goed doet in de plantage. Als je vervolgens terug gaat naar de growshop dan heb je kans dat ze een "heel goed" natuurlijk bestrijdingsmiddel zullen aanprijzen. Een mengsel van Spaanse pepers en zo. Denk maar niet dat dit werkt! Misschien....... als je goed luistert, dan zul je een zacht olé horen, maar meer ook niet. Intussen gaat het slechter en slechter met de oogst en ten einde raad gaat de teler weer terug. Waarop de growshop waarschijnlijk een gif in een spuitbus zal voorschrijven met de raad iedere plant apart te nemen en af te spoelen met koud water, om zodoende de webben te verwijderen. Hierna moet iedere plant volledig bespoten worden, ook onder de bladeren. Natuurlijk zal deze intensieve behandeling het aantal spinten reduceren, maar wederom zal je niet van de spint afkomen. Ik ken telers die jarenlang op de genoemde wijze bezig waren met het bestrijden van spint. Ze weten de schade vaak wel te beperken door de intensieve bestrijding, maar komen niet van de plaag af. Soms besluiten ze zelfs om de plantage volledig leeg te halen en voor enige tijd niet te telen om zo van de plaag af te komen. Een kennis heeft bij toeval een bestrijdingsmiddel ontdekt dat speciaal voor spint gemaakt is (SPINTOXINE®). Het werkt dan ook niet op andere beestjes. Hoe het middel precies werkt weet ik niet. Wel weet ik dat licht sprayen de spint volledig doet verdwijnen. Na twee eenvoudige behandelingen van de hele plantage (neemt slechts een paar minuten in beslag) is de spint uit de volledige plantage verdwenen. Vreemd is wel dat je de spint na het sprayen vaak nog dagen rond ziet lopen, het middel is dus niet direct dodelijk. Wel kan het middel bijwerkingen hebben. Over het algemeen wordt het door alle planten goed verdragen in de groeiperiode. Bij sommige soorten kunnen er in de bloei echter vervormingen van de toppen optreden. Als je echter een liefhebber van dieren bent zie dan hierna wat alternatieven voor chemische bestrijding.
|